Sherborne’s bewegingspedagogiek



Download 0.84 Mb.
Page8/11
Date09.11.2016
Size0.84 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11

Kinddomein

In tabel 3.6 zijn de scores van de moeders op het kinddomein van de NOSI en NOSI-K met elkaar vergeleken. De totaalscore op het kinddomein geeft weer in welke mate bepaalde karakteristieken/eigenschappen van het kind aan de overall-stress in de ouder-kind relatie bijdragen. Per gezin is aangegeven of er een verbetering is opgetreden tijdens de IOG en/ of erna. Het verschil in scores op de NOSI-K is met behulp van het programma BergOp beoordeeld. Bij de scores op de NOSI geldt dat er sprake is van verbetering indien het verschil tussen twee metingen groter dan 23 is.


Tabel 3.6 Verbeteringen ten aanzien van de bijdrage van bepaalde karakteristieken/eigenschappen van het kind aan de overall-stress in de ouder-kind relatie.

S = Sherbornegroep, C = controlegroep

rood = NOSI; blauw = NOSI-K

0 = geen verbetering; + = verbeterd, maar niet klachtenvrij; ++ = verbeterd en klachtenvrij;

* = score van voormeting valt binnen categorie ‘onder gemiddeld’ of ‘gemiddeld’
In de Sherbornegroep geven zes van de acht moeders aan dat bepaalde eigenschappen van het kind bij afsluiting van de IOG minder bijdragen aan de overall-stress in de ouder-kind relatie. Bij twee gezinnen is er geen verbetering opgetreden. In de gezinnen waar een verbetering heeft plaatsgevonden houdt deze in vier van de zes gevallen stand of verbetert nog verder. Bij het andere gezin houdt de verbetering niet stand en is er weer sprake van een verslechtering na verloop van tijd. Van de twee moeders die geen verbetering laten zien, scoort één moeder bij de follow-up alsnog laag genoeg om van een verbetering te spreken (S5).
In de controlegroep blijkt dat bij drie van de vijf gezinnen bepaalde eigenschappen van het kind bij afsluiting van de IOG minder bijdragen aan de overall-stress in de ouder-kind relatie. Bij één gezin is er geen verbetering opgetreden en van één gezin ontbreken de testgegevens. Twee moeders scoren bij aanvang van de IOG onder en boven gemiddeld. Bij C1 is de bijdrage van bepaalde eigenschappen van het kind ondanks de onder gemiddelde score bij aanvang van de IOG toch fors afgenomen. Bij C4 is het echter onveranderd. Bij de twee andere moeders die aangeven dat de stressbeleving is verminderd is de stressbeleving bij afsluiting nog steeds problematisch (C2 en C3). Vanwege het ontbreken van de testgegevens bij follow-up is het onbekend of deze verbetering standhoudt, doorgaat of weer afneemt na verloop van tijd.


Download 0.84 Mb.

Share with your friends:
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11




The database is protected by copyright ©sckool.org 2020
send message

    Main page